Weerribben

 

Back




Water is de meest bepalende factor voor plant en dier in De Weerribben. In De Weerribben liggen geen grote open plassen. Het water bestaat uit sloten, vaarten en petgaten. In het rustige water van de sloten en petgaten komen allerlei waterplanten voor.
Op en in het water leven verder tal van moerasbewoners zoals bijvoorbeeld de vele soorten watervogels en insecten. Langs het open water groeien vele oeverplanten zoals vele zeggeplanten en natuurlijk riet.
De plaatselijke beroepsvissers gebruiken het open water om hun fuiken te plaatsen. Ze vangen met name paling, maar andere vissoorten zoals bijvoorbeeld snoekbaars en blankvoorn vangen zij ook in de fuik.

De Weerribben

In de moerasbossen groeien veel elzen en berken, waar kamperfoelie en hop zich om de boomstammen slingeren. De oudste moerasbossen liggen rondom de eendenkooien.

In het Nationaal Park liggen er twee: de Kloosterkooi en de Kooi van Pen. De Kloosterkooi bij Kalenberg was lang ongebruikt en verwaarloosd, maar is inmiddels gerestaureerd. Hij wordt alleen nog gebruikt voor educatieve doeleinden. In de Kooi van Pen worden nog wel eenden gevangen.

De Weerribben

In de Kooi van Pen worden nog wel eenden gevangen. In deze eendenkooi groeit het vrij zeldzame heksenkruid. Sinds 1970 is het echter steeds moeilijker de verbossing in de verouderde rietlanden tegen te gaan.

Op dit moment bestaat een derde gedeelte van het Nationaal Park De Weerribben uit moerasbos. Zonder actief beheer zou De Weerribben op den duur helemaal verlanden en veranderen in moerasbos.